27 maart 2025
Bij recente opgravingen in Ieper hebben archeologen indrukwekkende resten van een middeleeuws mottekasteel blootgelegd, ooit een grafelijke residentie tot de 12de eeuw. Na Brugge en Gent vormde Ieper de belangrijkste stad van het middeleeuwse graafschap Vlaanderen.
Lees er meer over bij VRT-nieuws:
- https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/03/22/archeologen-leggen-middeleeuwse-motte-bloot-ieper/
- https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/03/23/honderden-bezoekers-voor-opgravingen-in-ieper/
In de collectie charters van de graven en gravinnen van Vlaanderen, bewaard in Rijksarchief Gent, getuigen talrijke documenten van de grote rol die Ieper speelde in de middeleeuwen.
Grafelijk verblijf in Ieper
De Vlaamse graven en gravinnen reisden tussen verschillende steden in hun graafschap om hun gezag te verstevigen. Een ongedateerd rekeningfragment van het einde van de 13de eeuw lijst uitgaven op voor het verblijf van de graaf te Ieper. Rekeningen werden in die tijd in rolvorm opgesteld.
Betaling van ridders en sergeanten
In het kielzog van de graaf en gravin reisden vele dienaren mee, die ook betaald moesten worden. Op 22 oktober 1297 belooft graaf Gwijde van Dampierre nog 199 ponden te betalen tegen Kerstmis aan ridder Philippon de le Bourse en 19 sergeanten die met Jan van Namen, zoon van de graaf, diensten hebben geleverd in Ieper.
Conflicten in de lakenindustrie
De lakenindustrie was erg belangrijk voor de economische ontwikkeling van Ieper. Dit verliep echter niet altijd van een leien dakje. Verschillende belangengroepen en actoren in de stad kwamen meermaals met elkaar in conflict over de organisatie van arbeid en handel. In de nasleep van een opstand in oktober 1280 die de naam Cockerulle kreeg, werd dit ontwerp van een vredesverdrag van Gwijde van Dampierre bewaard (1 april 1281). Daarin worden afspraken gemaakt naar aanleiding van geschillen tussen de schepenen van Ieper en de grote textielambachten waaronder de wevers, volders en lakenscheerders. De afspraken gaan over de verkoop van laken in de lakenhalle, soorten wol die op de markt gebracht mag worden, uitoefening van de ambachten, over penningen die betaald moeten worden door meesters en leerlingen in het ambacht enzoverder.
Werkzaamheden aan de Zaal
In een laat 13de-eeuwse rekening staan de betalingen genoteerd voor werken uitgevoerd aan de Zaal (“pour l’ouvrage de le sale”) door verschillende personen. De stad wordt niet genoemd, vermoedelijk gaat het over Ieper of Rijsel. Mogelijk verwijst dit naar het Zaalhof (Saelhove) te Ieper, de grafelijke residentie die gebouwd werd door Filips van den Elzas aan het einde van de 12de eeuw (niet te verwarren met de burchtmotte uit de 11de en 12de eeuw die recent opgegraven werd).










